Giro 555: SOS Syrië, maar let op…

Dat er in Syrië behoefte is aan hulp, zal niemand ontkennen.

Er moet echter bij gezegd worden, dat u hulp beter zelf aan de Syriërs kunt leveren, dan een groot (internationaal) hulporganisatie in te schakelen of te steunen.  Wat er in Syrië gaande is is onbeschrijflijk.  Ieder mens met een eerlijk hart zal dit erkennen. Het is in dit soort situaties moeilijk om niets te doen, omdat het “ver van je bed” is.

De Samenwerkende Hulp Organisaties hebben veel ervaring in het hulpverlenen en opzetten van veldhospitalen, maar de onkosten van de SHO zijn erg hoog. Het percentage donatiegelden dat daadwerkelijk wordt gebruikt waarvoor het gegeven is; hulp verlenen, is minder groot dan we hadden gewild (omstreeks 70%).

Wij steunen de persoonlijke initiatieven van Nederlandse burgers om zélf met hulpgoederen naar Syrië te vertrekken om (humanitaire) hulp te verlenen. De grensovergang tussen Turkije en Syrië is makkelijk over te steken.

De opbrengst van de giro 555-actie wordt uiteindelijk verdeeld over tien Nederlandse hulporganisaties die nu ook al noodhulp verlenen aan Syriërs. Het gaat onder meer om medische hulp, voedsel en dekens. De officiële hulporganisaties leveren de hulpgoederen onder andere rechtstreeks aan het regime van Bashar al-Assad, die het zou “verdelen” onder de behoeftige burgers. De kans dat dat daadwerkelijk gaat gebeuren is klein. Herinnert u zich de Tsunami nog?

We hebben een selectie gemaakt van betrouwbare en controleerbare mensen of organisaties die zich daadwerkelijk 100% inzetten voor de onderdrukten, waarvan 98% of meer van de donaties de behoeftigen zal bereiken. De eerste stichting is “MijnThuisPalestina“, die naast de Palestijnse vluchtelingen in Libanon, ook Syrische vluchtelingen financieel en materieel steunen. MijnThuisPalestina is open in haar financiën en iedere contribuant kan zijn of haar donatie (pleegkind) volgen.

Wijbe Abma zet zich ook in voor de Syriërs; op zijn site valt veel te lezen over zijn hulpactie, net als dit nieuwsbericht.

Wij roepen u niet op om géén geld aan Giro 555 te doneren, maar om het geld dat u uitgeeft voor de mensheid, zo goed mogelijk terecht laat komen bij de mensen die het het hardst nodig hebben; de onderdrukten. 

Winterdepressie?

WINTERDEPRESSIE[1]

 

Salem, heb jij momenteel te maken met een winterdepressie ? Heb je soms het gevoel dat je het leven haat en het leven jou haat?

Als eerste moet je het volgende weten: jij bent geen slecht mens, ondanks je fouten en ondanks je zonden. Jij bent ma’sa’Allah. Jij bent geweldig. Wat je nu allemaal meemaakt of hebt meegemaakt is niet je leven, het is een onderdeel van je leven. Het heeft je gemaakt tot de persoon die je nu bent. Misschien dat je momenteel velen vragen en weinig antwoorden hebt. Maar laat ik je het volgende zeggen:

Soms moet je bepaalde zaken laten gaan zodat er iets beters op je pad kan komen. Wij mensen hebben een EIGEN wil, we kunnen onze EIGEN keuze maken, soms maken we de verkeerde keuzes, wanneer Allah subhanahu wa ta’ala van iemand houdt dan zal Hij degene die de verkeerde keuze heeft gemaakt LEIDEN naar de GOEDE keuze. Om degene te leiden naar de goede keuze dien je eerst van de verkeerde keuze AF te komen. Maar wij mensen zijn TE koppig dus wat gebeurd er dan? Allah subhanahu wa ta’ala zal OBSTAKELS op je pad plaatsen, obstakels die ervoor zorgen dat je datgene los gaat laten. In het begin kun je velen vragen hebben, in het begin kan wanhoop en verdriet de overhand nemen maar ALS je 100% op Allah subhanahu wa ta’ala vertrouwt dan weet je dat Hij iets BETERS voor je klaar heeft staan. Allah subhanhu wa ta’ala zegt in soerah Baqarah, ayah 216 “Het kan zijn dat jullie iets haten terwijl het goed is voor jullie. En het kan zijn dat jullie van iets houden terwijl het slecht is voor jullie. En Allah weet terwijl jullie niet weten.” Dus hoe WEET jij nou dat het goed voor je is? Indien het BESTEMD is zul je het behouden en indien het NIET voor je bestemd is zul je het kwijtraken. En wanneer je het kwijtraakt zul je altijd iets beters voor terug krijgen.

Als Allah subhanahu wa ta’ala een obstakel op je pad legt, dan helpt Hij je er ook overheen. Het kan totaal niet zo zijn dat je iets moeilijks op je pad krijgt en dat Hij je in de steek gaat laten. Alles wat je overkomt KUN jij aan want Allah subhanahu wa ta’ala zegt in (Soerat al-Baqarah: 286) “Allah belast geen ziel boven haar vermogen.” Jij bent bij een bepaalde punt gekomen waarin de beproeving heftig is, deze beproeving kent een BEGIN en het kent een EIND. Elke keer als de duisternis begint te vallen doet Allah subhanahu wa ta’ala een Licht op je schijnen, met andere woorden: JIJ-BENT-NIET-ALLEEN , je bent niet alleen, luister goed: een coach laat zijn team niet in de steek, een herder laat zijn schapen niet in de steek, een leraar laat zijn leerlingen niet in de steek, een generaal laat zijn soldaten niet in de steek en Allah subananahu wa ta’ala laat Zijn dienaren niet in de steek. De hulpdienst van Allah subhanahu wa ta’ala is 24 uur per dag open. Jij hoeft hiervoor geen nummer te draaien dat je geld gaat kosten, jij kunt op ELKE moment (ook als een vrouw maandelijkse problemen heeft) een dua(smeekebeden) doen, je wordt meteen verbonden met je Schepper. Het antwoord wat je dan in je binnenste zult horen is: “Roep Mij aan, Ik zal jullie verhoren.” (Soerah Ghafir 40:60), dit is DEZELFDE boodschap die aan de Profeet Mohammed vrede zij met hem is gezonden: ” “En wanneer Mijn dienaren jou (O Mohammed) vragen stellen over Mij: voorwaar, Ik ben nabij, Ik verhoor de smeekbede van de smekende wanneer hij tot Mij smeekt. Laten zij aan Mij gehoor geven en in Mij geloven. Hopelijk zullen zij de juiste leiding volgen.” (Soerah al-Baqarah 2:186).

Als het leven velen vragen heeft, heeft Allah velen antwoorden. WAAROM ben ik nog niet getrouwd, WAAROM ben ik gescheiden, WAAROM ben ik gezakt, WAAROM gebeurd er dit of dat? De toestand waarin je NU in bevind heeft een reden, en deze reden is er om JOU te dienen. De Wijsheid van de Schepper gaat veel verder dan de wijsheid van ons. Als je haastig bent omdat je zo graag het antwoord wilt weten dan kun je terecht komen in een depressie. Hoop zal verloren gaan en je toestand wordt steeds erger. Het is alsof je elke ochtend als je opstaat smeekt om verdriet en ellende. Het goede is in jouw ogen veranderd in het kwade. Allah subhanahu wa ta’ala zegt in Soerah al-Isra 17:11 “En de mens smeekt om het kwade, net zoals hij om het goede smeekt. En de mens is haastig (van aard).” Luister goed, jouw lot ligt in de Handen van Allah subhanahu wa ta’ala. Er wordt voor jou gezorgd, er wordt over jou gewaakt en jij wordt stap voor stap begeleid zonder dat je dat door hebt. Als jij verkeerde keuzes maakt dan worden ze rechtgezet, als er iets op je pad komt wat je zal schaden dan zal het van je worden afgenomen, als je iets graag wilt maar het JUISTE moment is nog niet aangebroken dan zal het worden uitgesteld. Wees dus sterk en heb vertrouwen, Allah subhanahu wa ta’ala is met je.

Wees dus niet verdrietig, wees verheugd, wees Allah subhanahu wa ta’ala dankbaar, prijs Hem, gedenk Hem, aanbid Hem, jouw leven kan ma’sa’Allah geweldig worden, het is even doorzetten, jij komt er insja’Allah wel.

 

Insja’Allah to your succes!

-Cherif Hamdine-

Website: http://islamcoaching.com/

Geen zin in school?

 

Salem, heb je weleens momenten gehad of heb je ze nog steeds dat je geen zin meer in school hebt ? Elke ochtend sta je met tegenzin op, je ziet school

meer als een ontmoetingsplek voor je vrienden of vriendinnen, je ziet school niet meer als een plek om iets te leren.

Dan komen die toetsen, je weet dat de kans groot is dat je slechte cijfers gaat halen, dat stemmetje in je hoofd zegt: ” eigen schuld maar aan het eind van het jaar moet je maar even knallen..” .

Waarom zit je eigenlijk op school ? Vroeger zeiden je ouders dat je piloot, advocaat of een dokter moest worden, vroeger zeiden je ouders dat je het beter dan hen zou doen maar de toekomst lijkt somber.

Kan het nog ? Geloof jij nog dat je het kunt maken ? Geloof jij dat je later een groot huis kunt krijgen en een gevulde bankrekening ?

Ik zal je iets vertellen, het kan nog want Allah subhanahu wa ta’ala zegt:

“Wie het goede doet, man of vrouw, en hij gelooft: voorwaar aan hem geven Wij een goed leven. En Wij zullen hen zeker belonen met hun beloning, volgens het beste wat zij plachten te doen.”

(Surah 16 : Ayah 97)

Zolang jij het goede doet en je blijft in je Schepper geloven dan kun je een goed leven krijgen, er kunnen zorgen komen maar die verdwijnen als sneeuw voor de zon, maar het is aan jou.

Je gaat niet voor de lol naar school, er zijn kinderen in Afrika, Palestina, Afghanistan en in andere werelddelen en landen die smeken om naar school te gaan, maar zij kunnen niet naar school gaan omdat hen ouders of geen geld hebben of dat ze niet worden toegelaten, deze kinderen hebben geen toekomst behalve als Allah subhanahu wa ta’ala anders besluit.

Geef ze één boek en ze zullen het bestuderen, geef ze een potlood en papier en ze zullen uren schrijven, en jij hebt alles, jij hebt van Allah subhanahu wa ta’ala toegang gekregen tot het onderwijs met een reden , maar je maakt er met tegenzin gebruik van.

Je hebt deze gunst niet van Hem gekregen om een uitkering te ontvangen, je hebt deze gunst niet van Hem gekregen om alleen in de keuken te blijven, je hebt wel deze gunst gekregen om iets van je leven te maken.

Hij heeft een Plan, een Plan voor jou, misschien start je insja’Allah later je eigen bedrijf zodat je andere mensen kunt helpen, misschien krijg je insja’Allah een baan waardoor je levens kunt redden, school is puur een schip die je voert naar je bestemming, zou jij overboord springen ? Zou jij midden in zee overboord springen? Waarom wil je dan stoppen met school ?

Okay misschien kun jij je op school moeilijk concentreren, zoek dan een oplossing, zoek hulp voor je problemen, we leven in het Westen, er is genoeg hulp, als jij moeite hebt met je huiswerk, tentamen of examen geef dit dan op tijd aan, geef dit aan zodat je school hier rekening mee kan houden.

Elke keer als je begint met je huiswerk zeg Bismillah (in Naam van Allah), elke keer als je met je tentamen begint zeg Bismillah, elke keer als je begint met je examen zeg Bismillah.

Als jij slechte cijfers haalt dan moet je niet Allah subhanahu wa ta’ala de schuld geven of denken waarom heeft Hij me niet geholpen,luister…

Het gaat niet om je huiswerk, het gaat niet om je tentamen, het gaat niet om je examen, het gaat om wat in je zit , als jij positief blijft, innerlijke rust kent door te vertrouwen op Allah subhanahu wa ta’ala en door zelfvertrouwen te hebben dan kun je alles aan.

Nu sta je onderaan de berg maar je kunt naar de top, vergeet je slechte cijfers, vergeet dat je gezakt bent, vergeet de problemen, jij bent de kapitein op het schip, jouw bestemming is insja’Allah die ene baan die op je wacht, als je nog niet weet wat je wilt worden dan is dat niet erg, ik ontdekte ook pas na 25 jaar dat ik coach wilde worden.

Maak een schema wanneer je gaat leren, bijv. van 18:00 tot 19:00 maak ik mijn huiswerk, van 21:00 tot 21:30 ga ik één hoofdstuk leren.
Zet je tv uit, zet je pc uit, zet je telefoon weg, het zijn kleine offers die jou een grote beloning kunnen brengen, jij kunt insja’Allah een groot huis krijgen, jij kunt insja’Allah naar een tropische eiland, jij kunt insja’Allah een gevulde bankrekening krijgen.

Wanhoop niet, de Profeet Mohammed vrede zij met hem kon niet schrijven, hij kon niet lezen, hij had niet alles wat hij wilde maar hij kreeg WEL alles wat hij nodig had, het gaat niet om wat je wel of wat je niet kunt, het gaat erom wat er in je zit, als in jou die intentie zit, die hoop, die ene droom, dan is dat mogelijk, vertrouw op Allah subhanahu wa ta’ala en doe je best ! En wees Hem dankbaar dat je toegang hebt tot het onderwijs.

 

 

Bezoek de website: www.islamcoaching.com voor meer teksten.

Bekeringsverhaal van Bilal

bekeerlingverhalenbanner

 

Salam alaikom wa rahmatulahi wa barakatuh,

Bismillah irrahman irrahiem, Hoe ik de Islam heb “gevonden” of ja eigenlijk hoe ik op het pad van de Islam ben geleid. Ik ben ongelovig opgevoed, een moeder die wel in “iets” gelooft, een vader die in zichzelf gelooft en buitenaardse wezens/aliens. Wel ging ik elke zomer naar mijn moeder haar oma toe op vakantie en daar hoorde ik dan wel elke zondag keihard de zondagsmis, maar ja vond het alleen maar herrie en ging maar beetje voetballen want had totaal geen interesse in geloven. Ook in de laatste 2 jaar van de basisschool gingen we wel is naar de kerk om bij te wonen en om liedjes te zingen.

Toen ik ongeveer 12/13 jaar oud was zat ik in het eerste jaar van de middelbare school, en begon me te bedenken dat er meer moet zijn als alleen dit leven. Toen ging ik me een beetje verdiepen in het Christendom, en kreeg toen ook nog godsdienstles op school en vond het erg interessant om meer te gaan lezen over het geloof. Dus ik de bijbel stukje lezen, die ik moest kopen voor school en daarvoor dus elke keer een stukje moest lezen. Na een paar maanden school raakte ik voor de helft verlamd in mijn gezicht, en kon dus niet meer naar school. Toen ben ik me thuis dus meer gaan richten om over geloof te lezen. En ik had de bijbel toch thuis liggen en ging hierin lezen. En ik vond de verhalen die erin stonden over Adam en Eva, Mozes en de Farao en de ark van Noah en natuurlijk ook over Jezus, ja die vond ik echt prachtig. En ja ik had we zoiets van ik weet zeker dat er een god is en een hemel en een hel. Dus ik wou in een kerk meer informatie over het geloof opvragen, maar elke keer als ik daar was was er niemand… en dat was iets wat ik niet begreep. Ik wilde meer weten over het geloof en over God en ik denk dat zoek ik in de kerk, maar niemand was er om mij te word te staan.

Maar ik was nog niet uit het veld geslagen en ging verder met mijn zelfstudie over het Christendom, en op een gegeven moment dacht ik als ik echt meer en meer wil weten moet ik misschien wel een opleiding volgen tot priester ofzo. Maar er was ook iets in me wat niet goed voelde bij dit geloof, ik had vragen waar geen antwoord op was. Waarom kan “(de zoon van) God” dood? Waarom dat kruis? Jezus is hier toch juist door doodgegaan, waarom is het dan zo belangrijk? Waarom als je vergeving wil van god moet je in een biechtstoel je verhaal doen? Dat soort vragen speelden allemaal op bij mij en vond het toch allemaal te vaag en ben toen niet verder meer gaan kijken in het Christendom.

Toen ging ik kijken en lezen over het Jodendom, maar daar heb ik maar kort “rondgekeken” want ik vond het wel heel raar, bedoel je kan wel zeggen dat je Jood word maar je zal nooit geaccepteerd worden, Want je moet “uitverkoren” zijn om Jood te zijn, je moet als Jood geboren zijn. Nou voor mij is God van iedereen, en iedereen die hier open voor staat die kan naar God komen en het is niet iets wat je alleen kan als je zo geboren bent.

Toen nog gekeken bij het Boedhissme, maar dat was echt niet iets wat goed voelde, heel zweverig allemaal. In die periode ook het Hindoeisme bekeken, maar dat vond ik wel heel apart, met al die goden.

Ondertussen was ik ook al een tijd aan het werken in een supermarkt en had hele leuke en aardige collega’s. Ik had nooit echt een beeld van de Islam en moslims, en ook de aanslagen op de twin towers hadden me niet een beeld gegeven over moslims, ik nam niet de woorden van de media in me op ik wist er niks van en dacht er ook niet aan. En op dat moment was ik ook niet echt bezig met verder zoeken naar het geloof.

Maar toen op me werk werkte ik dus met Marokkaanse en Turkse moslims. En het waren aardige mensen en kon heel goed met ze opschieten Er was een Turkse moslima en het was zo mooi om te zien dat ze zelfs op haar werk ging bidden, ik vond het mooi ze sloot het raam af zodat niemand het kon zien, en ik vond het prachtig om te zien dat iemand dat doet voor haar God.

Dus ik ging beetje op internet kijken over de Islam en ging veel lezen erover, en ik kwam heel veel verhalen ook tegen die ik al uit de bijbel kende, maar toch gaf het een ander gevoel. Ging de Quran lezen, en als je begint in de Quran dan wil je door blijven lezen. Dus het duurde niet heel lang voor ik de Quran uithad en ik had me toch een bepaald gevoel in me zitten, en ik wist niet wat dit was. Het was een heel prettig gevoel. Ook werd ik actief op forums over Islam om daar te kunnen lezen over de Islam en met anderen hierover te discusieren. En ik met een Marokkaanse collega erover praten, over het gevoel maar zeker over het geloof. En deze Marokkaanse collega en ook de andere Islamitische collega’s die zagen hoe ik erover praatte met ze, en hoe ik straalde als we erover praatte zeiden je bent in je hart allang moslim. Ik dach bij mezelf nee toch?

Toen kreeg ik een boekje om te lezen, De Wonderen van de Quran van Harun Yahya en ben deze gaan lezen, en toen ik dit las wist ik dit is echt de waarheid en ik werd zo warm vanbinnen echt het voelde zo goed. Want ja in de Quran staat dus al 1400 jaar wat we pas met de wetenschap van nu kunnen onderzoeken en nu ook pas ontdekken. Dus toen wist ik zeker de Quran is het word van Allah swt. Toen ik met collega’s verder nog wat over gepraat en ja ik wist het zeker ik zit nu op het pad van de waarheid en wilde me bekeren. Dus ik ging naar een collega toe en vroeg of ze weet hoe ik me moet bekeren en dat wist ze natuurlijk. Dus zij had geregeld dat haar vader een afspraak in de moskee met de imam had gemaakt. Ik zou er samen met haar vader en broer dus de Shahada gaan doen.

Het was vrijdag 9 februari 2007 en het was de dag dat ik mijn Shahada in de moskee ging doen, en ik was zo ontzettend zenuwachtig. Om 12 uur afgesproken met haar broer en met hem ging ik naar de moskee lopen en daar wachte dan zijn vader op ons. Toen we daar waren gingen we naar boven en naar het kamertje van de imam. En ik ging daar zitten en toen moest ik de imam dus nazeggen om de Shahada te zeggen en dit gaf me zo een mooi gevoel, en ik wist toen wat het gevoel wat ik al die tijd had is, dat is de liefde voor Allah swt. Na de Shahada heb ik gelijk meegedaan met het vrijdagmiddaggebed Alhamdoulillah.

En ben nu dus al iets meer als 4 jaar moslim Alhamdoulillah.

Dit was mijn bekeringsverhaal.

Alhamdoulilah rabbi al amin !

Mag Allah ons beschermen tegen ongeloof en mag hij ons allemaal accepteren in Djennah !

Amin.

 

Wa alaikom salam wa rahmatulahi wa barakatuh,

 

Bilal

 

bekeerlingverhalenbanner

Google Zeitgeist 2012: Deelname aan de wereldwijde video.

Beste broeders en zusters.

Sunnah4Holland werd benaderd door Jenna Cedicci (Whirled Creative) dat in opdracht van Google de Zeitgeist 2012 video moest samenstellen.

Google laat in de Zeitgeist video zien ‘hoe de wereld googelde’ in 2012. Volgens 1.2 trillion zoekopdrachten in 146 talen bleken deze gebeurtenissen en mensen het jaar te domineren. In het volgend filmpje kunt u doorklikken naar de twee video’s, en krijgt u te zien waar we het komend jaar in sha’Allah mee bezig zullen zijn.:

Hieronder is de gehele Zeitgeist 2012 video te zien.

Mocht je geïnterreseerd zijn in de statistieken, klik dan GOOGLE ZEITGEIST 2012.

Moge Allah subhanahu wa Ta3ala veel ogen van niet-moslims openen na het zien van de video’s.

Zonder u, onze kijkers was het nooit gelukt. Bedankt!

Wa Aleykum Salam,

Nasser Al-Ghanim (Vertaald).

 

 

Zeitgeist TV Schedule

 

De maan is “gescheurd”.

Overgeleverd door Anas: de mensen van Mekka vroegen de Profeet (saws) om een Teken (wonder/mirakel) te laten zien, dus liet hij het wonder zien van het splijten van de maan.

Sahieh al-Boekharie, Volume 6, Boek 60 (Tafsier), Nummer 390

 

Overgeleverd door Ibn Masoed: tijdens het leven van de Boodschapper van Allah (saws) was de maan gespleten in twee delen; één deel bleef op de berg, en het andere deel ging voorbij de berg, Daardoor zei de Boodschapper van Allah (saws), “aanschouw dit wonder.”

Sahieh al-Boekharie, Volume 6, Boek 60 (Tafsier), Nummer 387

http://nieuws.nl.msn.com/wetenschap/maan-is-gescheurd

“Lieve Moeder Maria…”

Het heeft mij diep geraakt vandaag toen ik in een ziekenhuis in een boekje keek dat in de stilteruimte lag.

Het was een kladblok, waarin bezoekers van de gebedsruimte hun zegje kunnen doen. Tot mijn schrik zag ik dat niet minder dan 80%  van de geschreven teksten gericht waren aan “Lieve Moeder Maria”.  Als we even verder kijken naar het gedrag onder Christenen stoot je je neus al snel tegen soortgelijke afgoderij:

[quote type=”center”] Zodra wij haar aanroepen, en zelfs nog daarvóór, komt Maria ons te hulp, ook al blijft voor ons haar doeltreffende en liefdevolle bescherming vaak onopgemerkt. [/quote]

Bron: OpusDei

Dit soort gedrag is onjuist. De informatie die deze mensen hebben gekregen over Maria is jammer genoeg voor hen niet gebaseerd op bewijzen. Wij roepen deze mensen daarom op om de volgende Sura (vers) uit de Edele Koran te lezen:”Sura Maryam” Online Koran Database

 

Oem Djihad, 25-11-2012

De reis van de ziel na de dood…

VAN DE ENE WERELD NAAR DE ANDERE!!!

 

‘Waarom dan, wanneer de ziel van (de stervende) zijn keel be­reikt. En gij ziet toe op dat ogenblik zijn Wij dichter bij hem dan gij, maar gij ziet dit niet’. (Al-Waqi ‘a (56): 83-85)

 

 

Als iemand sterft, komt de Engel des Doods om zijn ziel te nemen, ongeacht

wie hij is. De stervende persoon ziet hem, hoort hem en spreekt met hem,

maar niet met zijn ogen, zijn oren of zijn tong. Hoe gaat dat dan? Dat weet

ik niet precies. Alles wat ik weet is, dat als hij naar een andere wereld

overgaat hij op een manier ziet, hoort en spreekt, die wij levenden niet

kunnen waarnemen. Hiervan zijn vele gevallen overgeleverd:

 

lbn Abi’d-Doenya vertelde, dat op de dag dat ‘Oemar ibn ‘Abdoe’l-Aziz

stierf, hij tegen degenen bij hem zei: “Zit bij mij.” Toen zij bij hem

zaten, zei hij: “Ik ben degene, die U bevolen hebt, en die U niet

gehoorzaamd heeft. U ver­bood mij iets en ik kwam daartegen in opstand.” Hij zei dit drie maal. Toen zei hij: “Maar er is geen god dan Al­lah.” Toen hief

hij zijn hoofd op en staarde. Zij zeiden: “U kijkt heel indringend Amier

al-Moe’minien.” Hij ant­woordde: “Ik zie een verschijning die geen mens of

djinn is.” Daarna stierf hij.

 

Fadala ibn Dinar zei: “Ik was tijdens het stervensuur van Mohammed ibn Wasi’ bij hem. Hij begon te praten en zei: “Welkom bij de engelen van mijn Heer! Er is geen kracht of macht behalve van Allah! Ik rook de zoetste geur die ik ooit heb geroken.” Toen werden zijn ogen gla­zig en hij stierf.

 

Waarom ga ik zo ver in het verleden, naar de tijd van de eerste moslims

terug? Ik was zelf aanwezig toen ie­mand in onze eigen tijd stierf. Ik was

bij mijn grootmoeder toen zij stierf. Het was de tijd van het ochtendgebed.

Zij had pijn en snakte naar lucht, kreunde van de intense pijn, maar ondanks

dat, herhaalde zij met grote vreugde: “Al-lah! De dood is zoet!” en sprak

elke paar minuten de sha­hada uit. Toen was alles voorbij. Dit is waar onze

taak, de taak van degenen, die nog in leven zijn, begint.

 

Nadat de ziel genomen is, en als het een zuivere ziel is, dan wordt hij

begroet door zijn familie die in het Hierna­maals is en die de Tuinen

bewonen, zij komen de ziel jui­chend en met grote vreugde begroeten. Zij

vragen de ziel over de toestand van degenen, die nog in deze wereld le­ven.

 

Daarna dragen de engelen de ziel van de ene hemel naar de volgende, tot hij

in de aanwezigheid van Allah (Alle eer is aan Hem en moge Hij geprezen

zijn!) komt. Dan keert de ziel zich om en ziet dat het lichaam gewassen en

gekleed wordt en dat het begraven wordt. De ziel zegt:

 

Neem mij voorwaarts! Neem mij voorwaarts! of Waar nemen jullie mij naar toe? Maar de mensen kunnen het niet horen.

 

Als het lichaam in het graf is gezet, plaatst de ziel zich tussen het

lichaam en het lijkkleed, op deze manier kan de ondervraging plaatsvinden.

Daarna hoort de ziel de voet­stappen van de laatste mensen verdwijnen, die

bij de be­grafenis waren en de aarde is over hem uitgespreid. De aarde

weerhoudt de engelen echter niet om hem te bena­deren. Zelfs als er een

steen voor hem was uitgehold en hij daarin was geplaatst en de opening met

lood verzegeld was, zou dat de engelen nog niet weerhouden om hem te

benaderen. De hardste stoffen kunnen de doorgang van de zielen niet

tegenhouden. Zij houden zelfs de djinns niet tegen. Allah – moge Hij

verheerlijkt zijn! – heeft de aarde en de stenen net zo voor de engelen

gemaakt, als Hij lucht voor de vogels heeft gemaakt.

 

 

Het graf dijt uit en strekt zich voor de ziel, en ook voor het lichaam uit.

Het lichaam is in een graf van de kleinste afmeting en toch dijt het uit,

vanwege de ziel, zover als het oog reikt.

 

 

Voor details en voor de bevestiging van wat ik heb ge­zegd citeer ik hier

een aantal betrouwbare hadiths van de Boodschapper van Allah (moge Allah hem zegenen en hem vrede geven). Hij zei:

 

“Als een gelovige op het punt staat om deze wereld te verlaten en over te

gaan naar de Volgende wereld, dan dalen engelen uit de hemelen af met

gezichten die stralen als de zon en zitten om hem heen in een menigte zover

het oog reikt. Dankomt de Engel des Doods en zit bij zijn hoofd en zegt:

“Goede ziel, kom naar buiten naar de ver­geving en het genoegen van Allah!”

En de ziel verschijnt, zoals een druppel water uit een waterzak stroomt en

de Engel pakt het vast. Als hij het gepakt heeft, laten de ande­re engelen

het geen moment in zijn hand. Zij nemen het en plaatsen het in een

geparfumeerd kleed en de geuren daarvan lijken op de zoetste geur van

muskus, die op aar­de gevonden kan worden.

Dan dragen zij hem naar boven en telkens als zij langs een groep engelen

komen, vragen die: “Wie is deze goede ziel?” en de engelen met de ziel

antwoorden: ‘Die en die, de zoon van die en die,” en zij gebruiken de

mooiste namen waarmee de mensen hem in deze wereld hebben genoemd. Zij brengen hem naar de laagste hemel en vragen of er een poort voor hem geopend kan worden. Die wordt voor hem geopend, en de engelen van elke hemel, die dicht bij Allah staan, begeleiden hem naar de volgende hemel tot hij de hemel bereikt, waar Allah, de Grote, is. Allah, de Almachtige en Majesteitelijke zegt: “Schrijf het boek van Mijn slaaf in ‘Illiyum in en breng hem terug naar de aarde. Ik heb hen daaruit geschapen en Ik breng hen daar weer naar toe en Ik breng hen daar weer uit voort.”

Zijn ziel wordt dan weer naar zijn lichaam toegebracht en twee engelen komen naar hem toe. Zij laten hem zitten en zeggen tegen hem: “Wie is jouw Heer?”

Hij antwoordt:

“Mijn Heer is Allah.” Zij vragen hem: “Wat is jouw gods­dienst?” Hij

antwoordt: “Mijn godsdienst is islam.” Zij vra­gen hem: “Wie is deze man,

die onder u was gestuurd?’’ Hij antwoordt: “De Boodschapper van Allah.” Zij

vragen hem: “Hoe ben je deze dingen te weten gekomen?” Hij antwoordt: “Ilk las het Boek van Allah, geloofde erin en verklaarde dat het waar was.” Dan verklaart een Stem uit de hoogte: “Mijn slaaf heeft de waarheid gesproken, spreidt daarom de tapijten uit de Tuin voor hem uit en open de poort van de Tuin voor hem!” Dan komt er wat van de geur en het parfum van de Tuin bij hem, zijn graf breidt zich uit, zover het oog reikt, een man met prachtige kleding en een zoete geur komt naar hem toe en zegt:

“Verheug je in dat wat je pleziert, want dit is de dag die je beloofd is.” Hij vraagt: ‘Wie ben je? Je hebt een uiterlijk, dat veel goeds voorspelt.” Hij antwoordt: “Ik ben je goede daden.” Dan zegt hij: “0 Heer, laat het Laatste Uur spoedig slaan, zodat ik bij mijn familie en mijn bezittingen kan zijn!”

Als een ongelovige op het punt staat om deze wereld te verlaten en naar een

Volgende Wereld overgaat, komen engelen met zwarte gezichten en ruig haar en kleding uit de hemel naar beneden en zitten in grote menigte om hem heen, zover het oog reikt. Dan komt de Engel des Doods en gaat bij zijn hoofd zitten en zegt: “Slechte ziel, kom naar buiten voor de wraak en de woede van Allah!’ De ziel verdeelt zich over het hele lichaam en wordt uit het li­chaam getrokken zoals een pin uit natte wol wordt ge­trokken. Dan neemt de engel hem over. Als hij hem te pakken heeft, laten de andere engelen het geen moment in zijn handen. Zij nemen hem en wikkelen hem in een ruig­behaard kleed waar een stank vanaf komt, zoals de ergste stank van een Iichaam in de wereld.

Dan nemen zij hem naar boven en telkens als zij voorbij een groep engelen

komen, vragen dezen: ‘Wie is deze slechteziel?” en de engelen met de ziel

antwoorden: “die en die, de zoon van die en die,” en zij gebruiken de ergste

benamingen die de mensen hem op deze wereld hebben gegeven. Dan brengen zij hem naar de laagste hemel en vragen of de poort voor hem geopend kan worden. Deze gaat niet open.

 

De Boodschapper van Allah (moge Allah hem zegenen en hem vrede geven),

reciteerde toen:

 

“. ..de poorten van de hemel zullen niet worden geopend. noch zullen zij in het paradijs komen. tot een kameel door het oog van de naald gaat.” (Al-A ‘raf (7):40)

 

Dan zegt Allah, de Almachtige en Majesteitelijke:

 

“Schrijf zijn boek in Sijdjin in, in de diepste aarde.” Daarna wordt de ziel naar beneden gegooid.

 

Daarna reciteerde de Profeet(vzmh):

 

“En wie iets met Allah vereenzelvicht, het is alsof hij van een hoogte valt en de vogels hem wegrukken of de wind hem weg­blaast naar een afgelegen plaats.” (Al-Had (22):31)

 

Dan keert zijn ziel naar zijn Iichaam terug en twee en­gelen komen naar hem

toe en zeggen tegen hem: “Wie is uw Heer?” Hij antwoordt: “Helaas, helaas,

ik weet het niet!” Dan klinkt een Stem uit de hoogte en zegt: “Mijn slaaf

heeft gelogen, spreidt dus de tapijten van het Vuur voor hem uit en open de

poort van het Vuur voor hem! Daarna komt er een hete wind naar hem toe, zijn graf wordt zo nauw voor hem, dat zijn ribben samengeperst worden en een man met een afschuwelijk uiterlijk en kle­ding en een vieze lucht komt naar hem toe en zegt: “Wees bedroeft over de rekening, die je in schande hebt gebracht, want dit is de dag die je beloofd werd.” Hij vraagt: “Wie ben jij? Je hebt een uiterlijk, dat kwaad voorspelt.” Hij antwoordt: ‘‘Ik ben je

slechte daden.” Dan zegt hij: “0 Heer, laat het Laatste Uur niet komen!”

 

Allah, de Verhevene zegt in Zijn Almachtige Boek over de woorden die de twee engelen bij de ondervraging van de dode persoon in het graf gebruiken:

 

“Allah verstrekt degenen, die geloven in het tegenwoordige leven en het Hiernamaals met het bevestigende woord en Al­lah laat de onrechtvaardigen dwalen. En Allah doet wat Hij wil.                 (Ibrahiem (14):2 7)

 

 

 

 

 

 

DE BETEKENIS EN DE WAARHEID VAN DE DOOD

 

 

“ledere ziel zal de dood proeven.” (Al-Imraan (3):185).

 

Wat is de dood? Is het totale vernietiging? Of is het eenvoudig de scheiding

van de ziel van het lichaam? En als de ziel van het lichaam gescheiden is,

wat gebeurt er dan met elk van hen? Wat gebeurt er met de mens zelf, de

eigenaar van het tijdelijke lichaam en de eeuwige ziel? Wordt zijn bewustzijn beëindigd als het lichaam sterft? Of blijft zijn bewustzijn doorleven in de eeuwige ziel? Voelen de doden op dezelfde manier plezier en pijn als de leven­den dat doen? Kan het bewustzijn van een levend persoon, wiens ziel in het lichaam ingesloten is vergeleken worden met het bewustzijn van een dode wiens de ziel van het lichaam bevrijd is?

 

Het antwoord op de laatste vraag is natuurlijk, nee! De levenden zijn zich

bewust en de doden zijn zich bewust. Maar er is een verschil en er is geen

enkele manier om dat te vergelijken. Dood is een zuivere vernietiging. Het

is eerder een verplaatsing van de ene wereld naar de andere. Als een dode

man de zegening of de straf van het graf voelt, betekent dat niet dat hij

levend in zijn graf ligt, dat hij voedsel, kleding en dergelijke nodig heeft. Het betekent ook niet dat zijn ziel in alle delen van het lichaam aanwezig is, zoals hij dat was in deze wereld. De ziel keert naar het lichaam terug, maar op een manier die anders is dan in deze wereld, opdat de dode ondervraagd en in het graf getest kan worden.

 

We kunnen enig begrip van de dood krijgen, door het met de slaap te

vergelijken, dit is immers de “kleine dood” maar er is uiteraard een

natuurlijke ongelijkheid tussen deze twee. In de slaap verlaat de ziel van

de mens het li­chaam door de neusgaten en reist tot hij in de aanwezig­heid

van de Heer van de Troon is. Als de slaper zich in reine staat bevindt,

knielt zijn ziel voor zijn Schepper. Dan mag hij de wereld van de dromen

binnengaan of de zielen van de overleden mensen ontmoeten, maar wat hij

eigen­lijk zal ontmoeten is een pagina uit Allah’s kennis van het Onzichtbare, dat zowel het goede als het slechte wat hij voor een bepaalde mens heeft bepaald, bevat. Als de sla­per oprecht, vrijgevig en zuiver is en iemand, die zichzelf tijdens de waaktoestand niet met domme dingen bezig houdt, dan zal de ziel naar hem terugkeren en het hart de waarheid mededelen, die Allah, de Grote en Majesteitelij­ke, hem heeft laten zien. Als dit gebeurt, wordt het een waarachtige droom genoemd. In de slaap kan de ziel ook vrij over de wereld reizen en de zielen ontmoeten van mensen, die nog in leven zijn en kennis van hun verkrij­gen. Iets daarvan is waar en iets is niet waar. Het gedeelte wat niet waar is, is een normale droom of het geklets van de ziel. Ook als de slaper een leugenaar is en van onwaarheden houdt, dan reist zijn ziel tijdens zijn slaap naar de hemel en beweegt zich vrijelijk over de

wereld en ontmoet andere zielen en krijgt ware informatie over het Onzichtbare. Maar als de ziel naar het lichaam terugkomt, ontmoet hij

Sheitan halverwege en die vermengt de waarheid met onwaarheid zoals hij doet als de persoon wakker is. Als de slaper wakker wordt is hij verward en

beneveld over dat-gene wat Allah, de Almachtige en Majesteitelijke hem

heeft laten zien en daarom begrijpt hij, het niet, hij herin­nert zich

alleen wat Sheitan hem heeft laten zien. Dit zijn verwarrende dromen.

Als bewijs hiervoor noemen wij wat Allah de Grote in soera az-Zoemar heeft

gezegd:

 

“Allah neemt de zielen van de mensen op wanneer zij sterven en ook van hen die niet sterven tijdens hun slaap. Dan houdt Hij die, die Hij ten doden heeft opgeschreven en zendt de ove­rigen tot een bepaalde tijd (in het lichaarn) terug.” (Az-Zoemar (39):42)

 

In de toestand van de slaap verlaat de ziel niet volledig het lichaam, zoals

hij dat wel bij de dood doet, maar verblijft in het lichaam en verlaat dit

niet om vrijelijk door de hemelen te bewegen. Wij kunnen het met een straal

of een draad vergelijken waarvan het einde aan het lichaam verbonden blijft.

De straal van deze ziel strekt zich uit tot de hemel en keert dan weer terug

naar het lichaam als de slaper wakker wordt. Het lijkt op stralen van de

zon. Het lichaam van de zon is in de hemel maar zijn stralen zijn op aarde.

De twee gevallen zijn niet precies hetzelfde, maar het is een manier om het

duidelijker te maken.

In het geval van de dood, blijft het lichaam op de grond terwijl de ziel

zich in de tussenruimte tussen de twee werelden bevindt. Een tussenruimte is iets wat twee dingen scheidt; hemel en aarde, of deze wereld en de Volgende Wereld. Met andere woorden het is de periode tussen de dood en de opstanding. De zegen of de straf van de tussenruimte zijn niet gelijk aan de zegen en de straf van de Volgende Wereld. Het is iets dat gebeurt tussen

deze wereld en de Volgende Wereld. Ondanks het feit dat de ziel zich in de

tussenruimte tussen de twee werelden bevindt en het lichaam nog in de aarde is, zijn de twee nog steeds verbonden. Daarom ondergaan beiden de zegen of de straf.

 

Wij hebben de situatie met de slaap vergeleken, maar er is natuurlijk een

verschil. In de slaap verblijft de ziel in het lichaam. Het verschijnt als

een straal naar de hemel zodat de slaper een droom heeft waarin hij zich of

gelukkig of ellendig voelt. Hij ervaart ofwel zegen ofwel straf in zijn

slaap.

 

 

In de dood verblijft de ziel hoofdzakelijk in de tussen­ruimte en niet in

het lichaam. Als Allah de grote ziel wil zegenen of straffen, dan verbindt

Hij de ziel met het li­chaam. Het is in de hemel maar tegelijkertijd kijkt

hij naar en is hij verbonden met het lichaam in de grond. De ziel is op meer

dan een plaats op dezelfde tijd. Een bewijs hier­voor is dat de Boodschapper

(vrede en zegeningen met hem) Moesa (vrede en zegeningen met hem) op de Nacht van de Miraadj in gebed op zijn graf zag staan en hij zag hem ook in de zesde en zevende hemel.

 

 

Desondanks ondergaan lichaam en ziel tegelijkertijd de zegeningen of de

straf. Op andere momenten overkomt het alleen de ziel. Een dode kan zijn

bewustzijn enige tijd verliezen maar de zegeningen of de straf gaan door.

Dit hangt af van wat Allah, de Grote wil en het hangt af van de daden van de

overledene.

 

lemand uit de vroegere tijden dacht, dat als zijn lichaam maar tot as verbrand werd en een deel van het as in zee gestrooid werd en een ander deel op droog land tijdens een winderige dag, dat hij dan van de straf van het graf gered was. Maar Allah beval de zee om de as te verzamelen en de as die op het land was gegooid ook en zei toen: “Sta op!” en de man ontdekte dat hij voor Allah stond. Allah ondervroeg hem: ‘Waarom heb je dit gedaan?” Hij antwoordde: “Uit vrees voor U mijn Heer, maar U bent degene die

het, het beste weet.” Dit was de reden waarom Allah het hem vergaf.

 

Die daad kon de straf of de zegening van het graf niet voorkomen, die effect

hebben op de delen die niet meer bestaan. Als een rechtvaardig man in een

vuur verbrandt, dan zal zijn portie zegeningen zijn lichaam en ziel nog

steeds bereiken en zal Allah het vuur koel en vredig voor hem maken. Voor de zondaar wordt de koele lucht als vuur en hete wind. De elementen van het universum ge­hoorzamen hun Heer, Organisator en Schepper. Hij laat hen zich gedragen op de manier die Hij wil. Alles gehoor­zaamt aan zijn wil in een

nederige onderwerping aan zijn verkondiging.

 

 

 

 

 

 

DE ZEGEN VAN HET GRAF (TUSSEN DE TWEE WERELDEN)

 

 

“Maar gij o ziel in vrede! Keer tot uw Heer terug, verblijd in Allah’s

welbehagen. Ga daarom in onder Mijn dienaren, en ga Mijn paradijs binnen.”  (Al-Fadjr (89):27-30)

 

‘Het graf’… het graf is een woord dat ons vrees inboe­zemt. Wij denken er

niet graag aan. Wij zijn ons niet be­wust van de vreugde die het kan bevatten. Waarlijk, de zegen van het graf is beter dan elk genoegen dat deze

wereld ons kan bieden. De Boodschapper (zegeningen en vrede zijn met hem) zei: “Als een gelovige de dood nabij is, dan komen de engelen van de genade naar hem toe. Als zijn ziel wordt genomen, plaatsen zij het in een stuk witte zijde en dragen het naar de hemelpoort. Zij zeggen: “Wij hebben nooit iets zoeters geroken dan dit.” Zijn ziel wordt gevraagd: “Hoe is het met die en die? Hoe is die en die?’’ Dan zal er gezegd worden: ‘‘Laat hem met rust. Hij kwam juist van het lijden van de wereld!”

 

Het graf of de tussenruimte is het derde stadium in de menselijke

ontwikkeling. Het eerste is het rijk van de baarmoeder van de moeder met al

zijn beperkingen en de drie duisternissen die het bevat. Het tweede is het

rijk van deze wereld waarin wij opgroeien en waar wij vertrouwd mee zijn en

waar wij het goede en het slechte van krijgen en de middelen tot geluk en

ellende. Het derde is het rijk van het graf of de tussenruimte dat wijder en

groter is dan het domein waarin wij nu leven – het rijk van deze wereld. Het

vierde en laatste stadium is het eeuwigdurende rijk dat de Tuin en het Vuur

bevat. Er is geen rijk hierna want het is het Rijk van de eeuwigheid.

 

 

Waar we nu in geïnteresseerd zijn is het derde stadion, het rijk van de

tussenruimte tussen de werelden. Het is het eerste stadium van de Volgende

Wereld. Daarin zijn de zielen in twee groepen verdeeld, een groep wordt

gestraft en gevangen, door zijn straf van al het andere weerhouden zoals

bijvoorbeeld het elkaar bezoeken. De andere groep zijn de gezegenden, en het is de tweede groep waar we ons nu op zullen concentreren.

 

 

De bevrijde zielen van degenen, die gezegend zijn gaan bij elkaar op bezoek

en bespreken wat er in de wereld en met de mensen in die wereld, die zij

achtergelaten hebben, is gebeurd. Elke ziel is in gezelschap van zijn

vrienden, die op eenzelfde manier gehandeld hebben. Veel mensen heb­ben

dromen gehad, die dat lieten zien. Zo’n droom is door Salih ibn Bashier

overgeleverd, hij zei: “Ik zag Ata’as­ Sulami in een droom nadat deze

gestorven was en ik zei tegen hem, “Moge Allah genade met jou hebben. Je

hebt lange tijd op deze wereld geleden!” Hij antwoordde: “Bij Allah, dat is

door een langdurige vreugde en oneindig plezier opgevolgd.” Ik vroeg: “Wat

is jouw positie?” Hij antwoordde: “Met hen, die Allah onder de profeten, de

oprechten, de martelaars en de rechtgeleiden heeft geze­gend.”

 

 

Allah, de Grote zegt:

 

“En wie aldus Allah en deze boodschapper gehoorzaamt, zal zijn onder degenen wie Allah Zijn zegeningen heeft geschon­ken, namelijk de profeten, de waarachtigen, de getuigen (martelaars) en de goeden en dezen zijn uitstekende metge­zellen.”  (Al Nisa (4): 69)

 

De gezegende zielen genieten vanaf het moment van hun dood van dit stadium.

Wij hebben dat al zeer gede­tailleerd duidelijk gemaakt en door een degelijke hadith ondersteund. Als de gelovige sterft, komen de engelen naar hem toe en spreken met hem en hij spreekt met hen zonder dat de aanwezige mensen dit merken. De ziel snakt ernaar om zijn Heer te ontmoeten en verlaat gemak­kelijk het lichaam. Dan dragen de engelen hem naar de hemel en een zoete geur verspreidt zich, die door alle en­gelen en de zuivere, bevrijde zielen in de hemelen wordt waargenomen. Zij ondervragen elkaar over deze zoete geur. Zijn verwanten en beste vrienden, die met hen in deze wereld waren haasten zich naar hem. Zij verschijnen voor hem in de volgende wereld en dringen om hen heen en vragen hem naar het nieuws van de wereld en van de­genen, die daar verblijven. Dan nemen de engelen de ziel op van de ene hemel naar de andere en elke engel en elke hemel waar hij voorbij komt, prijst en zegent hem. Hij is verrukt van de zoetste en mooiste tijdingen. Dan stopt de ziel voor de Almachtige Koning, moge Zijn majesteit ge­prezen zijn! Hij zegt tegen de ziel: ‘Welkom aan deze goe­de ziel en aan het lichaam dat hij achterliet.” Als de Heer, de Almachtige en Majestieuze iets verwelkomt, dan ver­welkomt alles het en alle bekiemmingen zullen hem ver­laten. Dan zegt Hij: “Laat hem zijn plaats in de Tuin zien en toon hem de eer en de zegeningen die Ik voor hem heb voorbereid.” Dan nemen de engelen hem weer mee terug naar de aarde, zodat hij kan zien dat zijn lichaam gewas­sen wordt en zij gaan door met een gesprek, hoewel de levenden het niet kunnen horen.

 

 

De engelen bidden op precies dezelfde manier voor de ziel van de gelovige in

de hemelen als de mensen voor het lichaam op aarde bidden. Tenslotte is het

lichaam begra­ven en de ziel keert naar het lichaam terug en gaat tussen

het lichaam en het lijkkleed zitten. Deze terugkeer houdt niet dezelfde band

in als de ziel met zijn lichaam in deze wereld had. Het is zelfs niet

dezelfde band als hij tijdens de slaap had noch is het de band, die hij had

terwijl het op zijn rustplaats is. Deze terugkeer is speciaal voor de

on­dervraging die wij al eerder genoemd hebben.

 

 

Daarna, zoals we al eerder verteld hebben, komen de twee engelen Moenkar en Nakir naar beneden en onder­vragen hem. Hierna wordt er een deur naar het Vuur geo­pend en hem wordt verteld: “Kijk daarnaar! Dit zou jouw plaats in het Vuur geweest zijn als je tegen Allah in op­stand was gekomen en als

Allah jouw plaats in de Tuin daarvoor ingeruild had.” Dan wordt de deur

gesloten en een andere deur naar de Tuin wordt geopend en hij ziet zijn

plaats aldaar. Deze deur blijft open tot de Dag der Opstanding. Wat van de

zoetheid en de geur van het Pa­radijs bereikt hem en zijn graf wordt wijd.

Hij slaapt vre­dig net alsof hij in de weide van de Tuin is.

 

Deze ruimheid, licht en groenheid waarin de gelovige van het moment van zijn overlijden tot de Dag der Op­standing verblijft, is niet hetzelfde als wij

in onze wereld kennen. Als een levende het graf zou openen, dan zou hij geen wijdte, licht of groenheid vinden. Hij zou geen open deur vinden waardoor hij de Tuin kon zien. Hij zou geen zegen of marteling zien. Het is alleen de overledene, die zich hiervan bewust is en deze dingen ziet. Allah heeft door Zijn wijsheid de macht om het voor de levenden af te schermen.

 

Het bewijs, dat dit zo is, is het feit dat er andere wezens zoals de djinn

zijn, die met ons op aarde leven. Zij praten met luide stem onder ons maar

wij zien of horen hen niet. Er zijn engelen geweest, die met de gelovigen

(bij Badr) vochten en ongelovigen versloegen en tegen hen schreeuwden, maar de moslims hebben hen niet gehoord of gezien. Djibriel kwam tot de

Boodschapper (moge hij gezegend zijn en vrede hebben) te midden van de

mensen, maar zij konden hem niet zien of horen.

 

Als iemand de dood nabij is, steekt de engel zijn hand naar de ziel uit en

reikt ernaar, hij spreekt er tegen en hij komt naar buiten. Een licht als

een zonnestraal en een zoete geur komen naar de ziel. Dan stijgt hij op. Te

midden van de engelen, maar degenen, die daar zijn kunnen het niet zien of

ruiken. Hij wordt ondervraagd, gestraft, gesla­gen en klaagt of schreeuwt

het uit. Dit gebeurt allemaal terwijl hij dood ligt en zijn familie om hen

heen staat, maar zij kunnen het niet horen of zien. De slaper droomt en

ge­niet van zijn droom of wordt erdoor gekweld, terwijl ie­mand die in

wakkere toestand naast hem is, is niet in staat is om waar te nemen wat er

gebeurt.

 

 

Allah  alle eer is aan Hem en moge Hij geprezen zijn -heeft levenloze

objecten bewustzijn en waarneming gege­ven zodat zij hun Heer kunnen

verheerlijken. De stenen vallen uit vrees voor Hem. De bergen en bomen

knielen. De steentjes, het water en de planten verheerlijken Hem. Dit

gebeurt allemaal terwijl wij er ons niet bewust van zijn. Allah de Grote

zegt:

 

“En daar is niets dat Hem niet met de lof  die Hem toekomt, verheerlijkt.” (Al-Isra (1 7):44)

 

De metgezellen hoorden het voedsel dat gegeten werd, Allah verheerlijken.

Dit is omdat de metgezellen een doorzichtigheid van hart hadden, welke wij

niet meer bezitten. Al deze dingen zijn onderdeel van onze wereld en wij

zijn daar toch volledig onwetend van. Het is niet te vergezocht omdit door te trekken naar onze onbewustheid van de din­gen van de Volgende

Wereld.

 

Een illustratie van de zegeningen van de tussenruimte tussen de twee

werelden wordt gevonden in de woorden van de Allah’s Boodschapper moge Allah hem zegenen en hem vrede geven, betreffende het martelaarschap. Hij zei:

 

“De martelaar krijgt zes goede dingen van Allah: Hij vergeeft hem zodra zijn

bloed vergoten wordt en laat hem zijn plaats in de Tuin zien, Hij beschermt

hem tegen de straf in het graf, Hij beveiligt hem tegen de Grootste

Ver­schrikking, Hij plaatst een kroon van waardigheid op zijn hoofd, waarvan

een enkele robijn in waarde groter is dan alles wat deze wereld bevat, Hij

geeft hem tweeënzeventig donkerogige houris ten huwelijk en Hij bemiddelt

voor zeventig van zijn verwanten.”

 

 

Hij zei ook:

 

“Als een van jullie broeders (in het gevecht) wordt neergeslagen, dan

plaatst Allah hun zielen in de lichamen van groene vogels die naar de

rivieren van de Tuin gaan, zijn fruit eten en in de gouden lampen in de

schaduw van de Troon schuilen. Als zij de zoetheid van hun voedsel en

drinken hebben ervaren en van hun uitmuntende ont­vangst, dan zeggen zij:

“Als onze broeders maar konden weten wat Allah voor ons heeft gedaan, dan

zouden zij de djihad nooit meer vermijden of over een wereldlijke oor­log

spreken.”

Allah de Almachtige en Majestueuze zegt:

 

“Ik zal hen dit van jou doorgeven.”

 

Toen heeft Allah de Grote aan Zijn Boodschapper (moge Allah hem zegenen en vrede schenken) geopenbaard:

 

“En denk niet over degenen, die terwille van Allah zijn gedood, als

doden. Neen, zij zijn levend en bij hen Heer worden hun gaven geschonken.” (Al Imran(3):169).

 

 

DE STRAF IN HET GRAF

 

 

“0 konde gij het waarnemen, wanneer de onrechtvaardi­gen in doodstrijd zijn en de engelen hun handen uitstrekken, (zeggende): “Geeft uw zielen op Deze dag zal u de straf der schande worden toegekend…” (Al An ‘am (6):93)

 

Het graf is een onbekend terrein. De buitenkant is stil, maar de binnenkant

bevat geheimen en verschrikkingen, welke een gewoon mens niet kan waarnemen.

Zij kunnen slechts waargenomen worden door iemand, die een hoog niveau van geloof en innerlijk gezicht heeft gekregen. Het is een vreemd feit dat dieren in staat zijn om de straf van in het graf te horen terwijl mensen dat over het algemeen niet kunnen. De Profeet (moge Allah hem zege­nen en vrede geven) zei: “Zij worden gestraft en de dieren horen het.”

 

Thabit al-Boenani zei hierover: “Ik liep op een keer tus­sen de graven en ik

hoorde een stem achter mij zeggen:“Thabit! Wordt niet door de stilte

bedrogen! Hoe veel mensen lijden daarin!” Ik keerde mij om, maar ik zag

niemand.”

 

Al-Hassan liep voorbij een begraafplaats en zei: “Wat zijn hier veel mensen!

En wat stil zijn zij! Hoeveel onder hen zijn er, die lijden!”

 

We hebben in het vorige gedeelte al duidelijk gemaakt, dat een overledene of

in een staat van zegening of van straf verkeert, en dit is vanaf het moment

dat hij sterft tot het moment dat de twee engelen hem ondervragen. Wij zijn

bij het moment aangekomen dat de deur naar de Tuin voor de ongelovigen wordt geopend en hem verteld wordt, wat zijn plaats in de Tuin zou zijn geweest, als hij Allah gehoorzaamd had. Daarna wordt deze gesloten ter­wijl een andere deur wordt geopend en hem wordt verteld om naar zijn plaats in het Vuur te kijken. Deze blijft open en een hete wind komt op hem af tot de Dag der Opstan­ding. Dan drukt de aarde op hem en hij wordt zo verplet­terd dat zijn ribben splijten.

Dan komen er verschillende vormen van straf op hem neer, afhankelijk van het soort slechte daden, dat hij verricht heeft.

 

 

Er zijn veel uitspraken aan ons geopenbaard, die ons de realiteit van de

straf in het graf laten zien, of we kunnen het ook de straf in de

tussenruimte tussen twee werelden noemen. De Profeet, moge Allah hem zegenen en hem vrede geven, zei:

 

“Ik kwam voorbij Badr en ik zag een man uit de grond komen. Een andere man sloeg hem met een stok tot hij weer onder de aarde was. Daarna gebeurde dat opnieuw.’”

 

De Boodschapper van Allah, moge Allah hem zegenen en vrede geven, ging door en zei:

 

“Dat was Aboe Jahl ibn Hisham, die zo gestraft wordt tot de Dag der

Opstanding”.

 

“Wij kwamen op de weg naar Basra voorbij een bepaal­de drenkplaats. We

hoorden het balken van een ezel en vroegen de mensen daar, wat het balken te betekenen had. Zij antwoordden ons, dat de moeder van een van de mannen, die vroeger gewoonlijk bij hen was, haar zoon iets gevraagd had en hij had haar gezegd als een ezel te gaan balken. Sinds zijn dood werd dit gebalk iedere nacht uit zijn graf gehoord.”

 

“Amr ibn Dinar zei: “De zus van een van de mannen uit Medina stierf en hij

begroef haar.Toen hij van de begrafenis terugkwam, herinnerde hij zich, dat hij iets in het graf had laten liggen. Hij vroeg een van zijn metgezellen om hem te helpen. Zijn metgezel vertelde dat zij het graf hadden opgegraven en dat waar zij op zoek naar waren, ge­vonden hadden. Toen zei de man: “Laten wij eens verder graven en zien wat er met mijn zuster gebeurd is. Hij tilde een van de stenen op die de opening van het graf afsloot, en zag dat het graf met vuur gevuld was. Hij plaatste de steen terug en vulde het graf opnieuw. Toen keerde hij naar zijn moeder terug en vroeg: “Hoe was mijn zus eigenlijk?” Zij antwoordde: “Vraag je nu pas naar haar, nu ze dood is?” Hij zei: “Vertel het me.” Zij zei: “Zij stelde meestal het gebed uit en legde haar oor te luisteren aan de deuren van de buren, en vertelde andere mensen wat ze gezegd hadden!”

 

Dan zijn er ook nog de hadiths van de Boodschapper (moge Allah hem zegenen en vrede schenken) over de Miraadj, waarin veel beschrijvingen voorkomen van straf­fen, die hij in de tussenruimte tussen de twee werelden zag. Wij geven hier een samenvatting daarvan.

 

Er zijn zielen, die als vee worden voortgedreven en ge­dwongen worden om

kruiden te eten, die bitterder zijn dan aloë en de bittere vruchten van de

zakkoem en over hete stenen van Djahanam worden gedreven, omdat zij hun eigendommen niet gereinigd hebben door de zakat te betalen.

 

Er zijn zielen, die vuil rottend vlees moeten eten, omdat zij verkracht

hebben. Er zijn zielen wiens lippen met ijzeren scharen worden geknipt,

omdat zij een burgeroorlog aanwakkerden. Sommigen hebben buiken zo groot als huizen en telkens als een van hen op staat, wordt hij neergeslagen en zegt hij: “0 Allah, laat het Uur niet komen!”

Zij staan op de weg van de mensen van de farao, die eraan komen en hun

vertrappen, terwijl zij niets kunnen doen behalve schreeuwen. Dit zijn de

mensen, die rente hebben gevraagd.

 

Sommigen schreeuwen met wijd open monden, terwijl zij hete kolen verslinden, die uit hun anussen komen. Dit zijn de mensen die de eigendommen van de wezen hebben geconsumeerd. Sommigen snijden stukken uit hun eigen zijde en eten hun eigen vlees. Dat zijn de lasteraars en de­genen waarvan de Profeet (vrede zij met hem) heeft ge­zegd:

 

“Wij zagen mensen die vlees uit hun zijde sneden en het aten. Er werd

gezegd: “Zoals jullie het vlees van jullie broeder aten!” Ik vroeg: “Wie

zijn zij?” en mij werd gezegd:

 

“Degenen uit jullie gemeenschap die lasteren.”

 

Sommigen hebben bronzen nagels waarmee zij over hun gezichten en borst

krabben. Dit zijn degenen, die achterklap pleegden en de eer van de mensen

aantastten.

 

Een deel van de hadith van de Miraadj is:

 

Sommige mensen kraakten met een steen hun hoofd open. Iedere keer dat zij dat deden, werden hun hoofden hersteld tot hoe zij daarvoor waren geweest. Dit ging onop­houdelijk door. Ik zei: “Djibriel, wie zijn dat?’ Djibriel

antwoordde: “Dit zijn mensen die zich van het gebed heb­ben afgekeerd.”

 

Een van de dromen van de Profeet – en de dromen van de Profeet waren waar en onderdeel van de openbaring en raakten de kern van de zaak – werd als volgt verteld. Hij zei:

 

“Afgelopen nacht zag ik dat twee mannen naar mij toe kwamen, mij bij de hand namen en mij naar het Heilige Land brachten. Ik zag dat een man zat en een andere man stond, die een ijzeren haak vast had en daarmee in de mondhoek van de zittende man sloeg en wel op zo’n ma­nier, dat de haak aan de achterkant van zijn nek naar bui­ten kwam. Hij deed hetzelfde met de andere kant. Hierna genas de mond vanzelf en herstelde zich in de oorspron­kelijke staat, en hij deed weer hetzelfde. Ik vroeg wat dit was en zij vertelden mij, dat ik door moest lopen.

 

Wij gingen verder en kwamen bij een man die op zijn rug lag. Een andere man stond bij zijn hoofd en verplet­terde dit met een steen of rotsblok. Als hij

het hoofd sloeg, rolde de steen weg en ging hij hem halen. Hij kwam niet

terug tot het hoofd van de man weer in de normale staat was, en daarna

verpletterde hij het weer. Ik vroeg wat dit was en zij zeiden mij dat ik

door moest lopen.

 

Wij kwamen bij een gat dat er uit zag als een oven, nauw van boven en

beneden wijd. Er brandde een vuur onder en er waren naakte mannen en vrouwen in. De vlammen kwamen van beneden omhoog. Toen het vuur dichtbij kwam, stonden zij op tot zij er bijna uitkwamen. Wanneer het wat doofde, gingen zij weer terug. Ik vroeg wat dit was en zij zeiden mij dat ik door moest lopen.

 

Wij gingen door tot wij bij een rivier van bloed kwamen waar een man in

stond. Aan de oever van de rivier was er een man, die wat stenen voor zich

had liggen. De man in de rivier kwam naar voren en wanneer hij uit de rivier

wilde komen, gooide de man een steen naar hem en ging hij terug naar zijn

oorspronkelijke plaats. ledere keer als hij uit de rivier wilde komen,

gooide de man een steen naar hem en ging hij terug naar zijn oude plaats. Ik

vroeg wat dit was en zij zeiden mij, dat ik door moest lopen.

 

Wij liepen door tot wij bij een groene tuin kwamen met een reusachtige boom erin, onder de boom zat een oude man met een paar kinderen. Naast de boom was een man, die een vuur voor hem stookte. Zij namen mij mee naar boven, de boom in en in een huis, dat het mooiste was van alles wat ik ooit heb gezien. Daar waren oude mannen en jongelingen binnen. Zij namen mij op en brachten mij naar een ander huis dat zelfs nog mooier was. Ik zei tegen mijn metgezellen: “Julie zijn de hele nacht bij mij geweest, ver­tel mij dus over wat ik gezien heb.”

 

De Profeet (moge Allah hem zegenen en vrede geven) zei over het toevlucht

zoeken van de straf van de tussen­ruimte of het graf:

 

“Als ieder van jullie de laatste tashahoed uitgesproken heeft, moet hij

toevlucht bij Allah zoeken tegen vier din­gen: tegen de straf van de

Djahannam, de straf van het graf; de beproevingen van de levenden en de

doden en de beproevingen van de Dadjjal.”

 

 

Dit alles laat zien dat de straf van het graf zonder twij­fel waar is. Wij

voegen hier nog dat aan toe wat Allah over twee straffen heeft gezegd, nl.

de straf van de tussen­ruimte en de straf op de Dag der Opstanding:

 

 

“Aan het Vuur zullen zij (in het graf) morgen en avond wor­den blootgesteld. En de Dag waarop het Uur zal komen, zal er worden gezegd: “Doet Farao‘s volk de strengste straf on­dergaan.” (Al-Mominoen (40): 47)

 

“Doch degene, die zich van Mijn gedachtenis zal afwenden, zal in benarde

omstandigheden leven en op de Dag der Op­standing zullen Wij hem blind doen opstaan.” (Taa ‘haa (20): 124)

 

 

Hoe kan iemand zichzelf van de straf van de tussenruimte redden voordat

het te Iaat is?

 

“Wedijver om vergiffenis van uw Heer en voor het paradijs, waarvan de breedte gelijk is aan de breedte tussen hemel en aarde”

(Al-Hadied (57): 21)

 

Aan de buitenkant is het graf stil terwijl binninin zegen of lijden heerst.

De verstandige mens is de mens die zich­zelf tegen het kwaad van de straf

beschermt, voordat het te laat is. Zo iemand weet zeker dat zijn tijd vroeg

of laat zal komen, en wanneer dit is, weet alleen de Almachtige Schepper.

Het kan zonder waarschuwing komen. Als het komt laat eenieder er weelde

achter, die hij verzameld heeft en verplaatst zich naar een andere wereld.

Slechts daar zal hij spijt voelen, maar aan spijt heeft hij niets. Op die

plaats zijn slechts zijn goede daden van waarde. Alleen dat is het geldige

betaalmiddel op deze kritieke dag. Al­leen met de goede daden is hij in

staat om een prachtig huis in de Tuin te kopen met alle luxe en zegeningen,

dat het bevat, een eeuwige verblijfplaats, en niet zo een dat na verloop van

tijd verdwijnt, zoals de dingen in deze wereld doen.

 

De verstandige mens is degene, die voor deze wereld handelt alsof hij er

altijd zal leven en voor de Volgende Wereld handelt alsof hij morgen zal

sterven. Om te bewijzen wat ik gezegd heb, neem ik een droom van de Profeet als bewijsstuk (alle dromen van de Profeten waren waar). Hij had een droom waar hij een moslim in zag. De Engel des Doods kwam om zijn ziel te nemen, maar zijn goede gedrag tegen zijn ouders kwam en dreef de Engel des Doods van hem weg. Hij zag dat een andere moslim omringd was door sheitans. Toen kwam zijn gedachtens aan Allah en dat zorgde ervoor dat de sheitans wegvlogen. Toen zag hij een derde moslim, die omringd was door de engelen der bestraffing. Zijn gebed kwam en redde hem uit hun handen. De tong van een vierde moslim was verdroogd van de dorst en elke keer als hij bij een waterpoel kwam werd hij tegengehouden en weggejaagd. Toen kwam zijn vasten van de Ramadan en gaf hem water te drinken. Hij zag een andere man en de profeten die in kringen zaten. ledere keer als de hij een kring benaderde werd hij tegengehouden en weggejaagd. Zijn ghoesl voor de djanaba kwam en nam zijn hand en liet hem in de kring zitten. Een andere moslim had een duisternis voor en achter zich en aan zijn rechter- en linkerkant, onder hem en boven hem. Hij was er geheel in verdwaald. Toen kwamen zijn hadj en oemra en leidden hem vanuit de duisternis naar het licht. Een andere moslim werd vervolgd door vlammen en spetters vuur. Zijn sadaqa vormde een sluier tussen hem en het vuur en beschermde zijn hoofd. Een andere moslim sprak tot een groep gelovigen, die niet tegen hem wilden spreken. Zijn aanhouden van familiebanden kwam en vertelde de groep gelovigen, dat hij’ de familiebanden had onderhouden en beval hen met hem te spreken. Toen spraken de gelovigen met hem en schudden zijn hand. Een andere moslim was door Zabaniyya (de engelen van de Djahannam) omringd. Zijn aanbeveling van het goede en verbieding van het

kwade kwam en redde hem uit hun handen en bracht hem naar de engelen der genade. Een andere moslim knielde met een sluier tussen hem en Allah. Zijn goede karakter kwam, nam zijn hand en Allah liet hem in Zijn nabijheid

komen. Een andere moslim had zijn boek in zijn linkerhand ontvangen. Zijn vrees voor Allah kwam, nam het boek en plaatste het in zijn rechterhand. De balans van een andere moslim was licht. Zijn kinderen die jong gestorven waren, kwamen en maakten de balans zwaar. Een andere moslim stond op de rand van Djahannam. Zijn hoop in Allah kwam en redde hem ervan, en trok hem terug. Een andere moslim was in het Vuur gevallen. De tranen, die hij uit angst voor Allah huilde, redden hem ervan. Een andere moslim stond op de Sirat en trilde als een blad in een harde wind. Zijn goede opvatting over Allah kwam en het leed was geleden en hij was in staat om verder te gaan. Een andere moslim kroop over de Sirat, soms huilend en soms zich alleen maar vastklemmend. Zijn gebed kwam en zette hem op zijn voeten en redde hem. Een andere moslim kwam bij de poorten van de Tuin aan maar zij bleven voor hem gesloten. Zijn getuigenis dat er geen god dan Allah is kwam en opende de poorten voor hem en liet hem in de Tuin toe.”

 

De Profeet (vzmh) heeft ook over soera al-Moelk gezegd: “Die soera heeft

dertig ayat die voor iedereen die ze kent bemiddelen tot zij de vergiffenis

krijgen”:

 

“Gezegend zij Hij in wiens hand het Koninkrijk is.” (Al-Moelk (67): 1)

 

Van de dromen van de eerste moslims is er een overleverd door Yazid ibn

Nuama, die zei: “Een meisje stierf tijdens de al-Jarif-plaag. Haar vader

ontmoette haar na haar dood in een droom en vroeg haar om hem over de

Volgende Wereld te vertellen. Zij antwoordde: “Mijn vader, het is een

omvangrijk onderwerp dat jij ter sprake hebt gebracht. Wij weten, maar kunnen niet handelen. Jij kan handelen, maar je weet niet. Bij Allah, een of twee daden van verheerlijking en een of twee raka’at van gebed in het boek van mijn daden heb ik liever dan de wereld en alles wat het bevat.”

 

Het graf heeft een omhelzing waaruit noch de gelovige noch de ongelovige kan ontsnappen. Naderhand wordt de gelovige van de druk verlost terwijl de

ongelovige bestraft blijft worden. De Boodschapper van Allah, moge Allah hem zegenen en hem vrede geven, zei:

 

“Het graf heeft een druk en als iemand daarvan gered wordt, dan is het Sad

ibn Moeadh.”

 

De wijsheid van de druk en de omhelzing van het graf zit in wat Ibn Abid

Doenya overleverde van Mohammed at-Taymi. Hij zei, dat de mensen zeiden, dat de aarde hun moeder is. Zij werden ervan geschapen en zij waren er lange tijd van verwijderd. Als zij terugkeren, omhelst het hen zoals een moeder haar kind omhelst wanneer het lange tijd is weggeweest en weer naar haar terugkeert. Wie Allah gehoorzaamt, wordt door mededogen en tederheid omhelsd. Ieder die aan Allah ongehoorzaam is geweest wordt met ruwheid omhelsd, omdat de aarde boos is vanwege haar Heer.

 

Toen ‘Abdoel-Aziz ibn Soelayman al-Abid stierf, zag één van zijn metgezellen

hem in een droom een groen kleed en een kroon van parels op zijn hoofd

dragen. Hij vroeg hem hoe het met hem was en hoe hij de dood ervoer en hoe de dingen daar waren. Hij antwoordde: “Vraag mij niet over de intensieve droefheid en het verdriet van de dood! Maar Allah’s genade heeft al onze fouten bedekt en wij ervaren niets anders dan zijn Vrijgevendheid.”

 

De Profeet (vrede en zegeningen zij met hem) zei:

 

“Allah heeft de aarde verboden om de lichamen van de profeten te consumeren.”

 

Hij zei ook:

 

“Niemand bid voor vrede voor mij zondor dat Allah mijn ziel aanspreekt zodat

ik terug kan groeten.”

 

Hij zei ook:

“Als een man het graf van zijn broeder bezoekt en bij hem zit, dan houdt hij hem gezelschap tot hij opstaat en weggaat. Hij onderwees zijn gemeenschap om het volgende te zeggen als zij de graven van de mensen bezochten:

 

‘Vrede zij met u, mensen die hier wonen, zowel gelovigen als moslims. Als

Allah het wil zullen wij ons bij u voegen. Moge Allah genade met degenen

hebben, die voor zijn gegaan en met degenen die achter zijn gebleven. Wij

vragen Allah voor het welzijn van zowel jullie als onszelf.’

 

 

 

 

WAT KAN EEN LEVENDE DOEN OM DE OVERLEDENE VAN DE STRAF TE

REDDEN?

 

 

Zeg:  “Van Allah is Iedere voorspraak. Hem behoort het ko­ninkrijk der hemelen en der aarde en naar Hem zult gij wor­den

teruggebracht”. (Az-Zoemar (39): 44)

 

Wij verwijzen opnieuw naar de eerste zin van het eer­ste hoofdstuk: “De

levenden gaan door en de doden niet.”

 

Iemand leeft in ons midden. Plotseling haalt de dood hem bij ons weg. Wij

klagen en dragen zwarte kleding. Wij richten begrafenistenten op. enzovoort.

Kortom, wij doen wat nodig is. Dan vergeten wij hem, met de

vooronder­stelling in het hoofd dat de levenden doorgaan en de doden niet.

Of hij blijft in onze gedachten en laten ons door ons verdriet meenemen,

leven in voortdurende pijn en beweren dat wij trouw aan de doden zijn. Dus

we brengen ons leven of in vergeetachtigheid of in verdriet door. Maar ons

leven is kort. Er is geen tijd voor vergeetachtigheid of verdriet. Het ware

leven bestaat niet uit vergeetachtigheid. Ware trouw komt niet tot

uitdrukking in verdriet.

 

 

Laten wij samen bedenken hoe we de dode persoon, die ons heeft verlaten,

kunnen helpen. Hoe kunnen wij hem in die zware beproeving steunen. Hij heeft ons eigenlijk meer nodig dan de levenden. HIJ is nu alleen, begraven in een graf in de aarde. Hij kan nu niet meer handelen. Maar het nut van de

handelingen, die de levenden voor hem doen, is niet tot een einde gekomen,

mits Allah daar toestem­ming voor geeft, want Allah zegt in Zijn Almachtige

Boek:

 

“Wie zal er bij Hem bemiddelen zonder Zijn verlof?”

(Al Baqara (2): 255)

 

De Boodschapper van Allah (moge Allah hem zegenen en vrede schenken), zei:

 

 

“Als iemand sterft, stoppen zijn handelingen, behalve drie dingen: een

sadaqa gaat door; kennis waar de mensen profijt van hebben gaat door, of een rechtvaardige zoon die een smeekbede voor hem maakt.”

 

Er zijn veel dingen, die de levenden kunnen doen om de dode te redden. Hier

vallen ook smeekbeden onder, het vergiffenis voor hem vragen, daden van

vrijgevendheid, hadj, vasten en andere daden van aanbidding. Dit kan, met

Allah’s permissie, aan de overledene worden toegekend.

 

Nog belangrijker dan dit is het betalen van de schulden van de doden, of

deze schuld nu financieel of spiritueel is, schulden aan andere levende

personen of schulden van aanbidding, die Allah toebehoren.

 

Als een levende voor een dode, die gestraft wordt, bemiddelt, dan wordt zijn

straf gestopt, zelfs als is het maar voor een tijdje. Wanneer hij voor

iemand bemiddelt, die gezegend is, dan stijgt deze een graad.

 

Ibn Abi’d-Doenya vertelde, dat één van zijn metgezellen zei: “Mijn broeder

is dood en ik zag hem in een droom. Ik zei: ‘Hoe was het, toen je in het

graf werd geplaatst?’ Hij antwoordde: ‘Iemand bracht mij een vurige vlam en

als iemand anders geen smeekbeden voor mij had gemaakt, dan denk ik dat hij mij ermee geslagen had.”

 

Bashar ibn Ghalib zei: “Ik zag Rabi’a waarvoor ik vaak smeekbeden had

gemaakt, in een droom. Zij zei tegen mij:

 

‘Bashar ibn Ghalib Jou gaven zijn mij gebracht op platen van licht bedekt

met zijden kleden.’ Ik vroeg: ‘Hoe kan dat?’ Zij antwoordde: ‘Zo is het met de smeekbeden van de levenden. Als zij een smeekbede voor een dode maken, dan antwoordden de smeekbeden voor hem op platen van licht, bedekt met zijden kleden. Dan worden zij naar de dode persoon gebracht voor wie de smeekbeden worden uitgesproken en men vertelt hem: “Dit is een gave aan jou van die en die.”

 

 

‘Amr ibn jarir zei, dat als de dienaren van Allah voor een dode broeder een

smeekbede maken, dat een engel deze smeekbede voor hem naar het graf brengt en zegt: “Jij, vreemdeling in het graf! Hier is een gave van een broe­der die medelijden met jou heeft!”

 

 

De Boodschapper van Allah (moge Allah hem zegenen en vrede geven) zei:

 

“Na zijn overlijden kan de gelovigen slechts van de volgende handelingen en

goede daden profiteren: kennis die hij onderwezen heeft en doorgegeven, een goede zoon, die hij achterlaat, een kopie van de Qor’aan die hij vermaakt heeft, een moskee die hij heeft laten bouwen, een huis dat hij voor een reiziger heeft laten bouwen, een ka­naal dat hij heeft gegraven, of een

handeling van liefda­digheid die hij uit zijn bezit heeft besteed, toen hij

levend en in goede gezondheid was en dat nu naar hem toekomt, na zijn dood.”

 

De Qor’aan zegt:

 

“en degenen, die na hen kwamen, zeggen: “Onze Heer, ver­geef ons en onze broeders, die ons voorgingen in het geloof”

(Al-Hashr (59): 1O).

 

Allah Hij zij verheerlijkt! – looft hen voor het vragen voor vergiffenis

voor de gelovigen onder hen. Hij geeft aan, dat zij geholpen worden, als de levenden om verge­ving voor hen vragen.

 

De Profeet (moge Allah hem zegenen en vrede geven) zei:

 

“Als je voor een dode bidt, maak dan een oprechte smeekbede voor hem”

 

In zijn smeekbede zei hij: “0 Allah! Die en die, de zoon van die en die is

onder Uw hoede geplaatst en in de nabijheid van U. Bescherm hem tegen de

beproeving in het graf en de straf van het Vuur. U bent de trouw en de

waarheid waardig, vergeef hem dus en wees genadig met hem. U bent de

Vergevende, de Genadevolle.”

 

Als de Profeet (moge Allah hem zegenen en vrede ge­ven) klaar was met het

begraven van een dode, stond hij boven hem en zei: “Vraag om vergiffenis van uw broeder. Vraag voor hem om standvastig gemaakt te worden. Hij wordt nu onder­vraagd.”

 

Hij zei ook:“Leer uw doden de woorden: “Er is geen god dan Allah.”

 

Er is een overlevering van Aboe Hoerairah (moge Allah tevreden met hem zijn) over de beloning van daden van liefdadigheid, die de doden bereiken.

 

Aboe Hoerairah zei, dat een man tegen de Profeet (moge Allah hem zegenen en vrede geven) zei: “Mijn vader is overleden en heeft wat spullen nagelaten,

maar hij heeft geen testament nagelaten. Zal hij beloond worden als ik voor hem een daad van liefdadigheid doe? Hij ant­woordde: “Ja.”

 

De Profeet (moge Allah hem zegenen en vrede geven) zei over de beloning van het vasten, die de overledene bereikt:

 

“Als Iemand sterft en nog een paar dagen moet vasten dan moeten zijn

erfgenamen voor hem vasten.”

 

Hij zei ook:

 

“Als iemand overlijdt en hij heeft nog de schuld van een maand vasten, dan

moeten zijn erfgenamen een arme voe­den voor elke dag die hij schuldig is.”

 

En over de beloning van de hadj die een dode persoon bereikt:

 

Ibn ‘Abbas (Moge Allah tevreden met hem zijn) zei:

 

“Een man vroeg: “Profeet van Allah! Mijn vader is overle­den en heeft nog

geen hadj verricht. Zal ik het voor hem doen?” Hij antwoordde: ‘denk je niet

dat als je vader een schuld had, dat je het voor hem zou betalen?” Hij

ant­woordde: “Ja.” De Profeet zei: ‘Een schuld aan Allah is nog belangrijker

om terug te betalen.”

 

De moslims zijn het er over eens dat de schulden, waar een dode nog steeds

verantwoordelijk voor is, terugbetaald moeten worden, zelfs als de persoon,

die het betaalt, een vreemde is en het geld niet uit de erfenis komt. Dit

wordt in de hadith van Aboe Qatada aangetoond:

 

Aboe Qatada zei dat hij voor een bepaalde dode twee dinar zou betalen. Toen

hij ze betaald had, zei de Profeet (moge Allah hem zegenen en vrede geven)

tegen hem: “Nu is zijn huid koel.”

 

Zij zijn het erover eens dat als een levende geld tegoed heeft van een dode,

het iedere moslim toegestaan is om te helpen om de schuld te betalen, alsof

het de schuld van een levende was.

 

 

De Boodschapper (vrede zij met hem) zei:

 

“Reciteer de soera Yasien als iemand van u sterft.”

 

Dit kan betekenen dat hij voor degene, die de dood na­bij is gereciteerd

moet worden en het kan ook betekenen dat het bij zijn graf gereciteerd moet

worden. De eerste mogelijkheid is waarschijnlijker want de stervende kan dan van de tawhied profiteren; het goede nieuws dat de mensen van de tawhied naar de Tuin gaan en de vreugde van de stervenden, die kennis van de tawhied, die deze soera bevat hooggehouden hebben. Het zegt:

“Ga het paradijs binnen.” Hij riep uit: “0, als mijn volk slechts wist, hoe mijn heer mij vergiffenis heeft geschonken en mij tot een der geëerden heeft gemaakt!” (Yasien (36): 27-28)

 

De ziel verheugt zich hier op en wenst Allah te ontmoeten, zoals Allah hem

wenst te ontmoeten. Deze soera is het hart van de Qor’aan en iets prachtigs

verschijnt er als het in de aanwezigheid van een stervende wordt

gereciteerd.

 

Over het algemeen gesproken kunnen we zeggen, dat de recitatie van de Qor’aan een van de daden van de aanbidding is, waarvan de beloning de overleden persoon bereikt, mits de reciteur eerst de bemiddeling bij Allah voor hem vraagt. Allah kan het wel of niet accepteren, zoals dat met alle daden van aanbidding het geval is. Hij kan de hadj van een bepaald persoon accepteren en niet van een ander. Hij kan het gebed van een bepaalde man

accepteren en niet van een andere man. Wat telt is de op­rechte bedoeling om de daad uitsluitend voor Allah, de grote te verrichten.

 

Laten wij ons een groep moslims voorstellen die zich verzameld heeft om

iemand te gedenken, die hen dierbaar was en overleden is. Zij dragen nog

zwarte kleding en het verdriet is nog vers. Zij zijn omwille van de liefde

en de vriendschap die er tussen hen bestaat bij elkaar gekomen om Allah te

gedenken en om bij Hem voor de geliefde te bemiddelen.

 

De ontmoeting kan overal plaatsvinden, maar laten wij aannemen dat het in

het huis van een van hen is. Iedereen houdt een kopie van de Qor’aan in zijn

hand en de recita­tie is onder hen verdeeld. Zij beginnen de recitatie met

de bedoeling om de beloning hiervoor aan de dode persoon te schenken. Dit

houdt niet in dat zij zelf geen beloning hiervoor zullen ontvangen, maar de

beloning bereikt ook de dode persoon in het graf, als Allah het wil. er is

een beloning voor zowel de levenden als de doden.

 

 

Onder deze mensen kan een zoon of kleinzoon van de overledene zijn. Dit is

een uitbreiding van zijn daden en het resultaat van zijn moeite in deze

wereld, want hij heeft een goede zoon achtergelaten en vervolgens goede

naza­ten. Er kan een broer, een vader, een verwante of een vriend onder hen

zijn, hetgeen duidt op zijn goede om­gang met de andere mensen, want anders zouden zij hem met in hun smeekbeden gedenken of voor hem bij de Al­machtige en Majestueuze Heer bemiddelen. Dit is ook het resultaat van de eigen daden van de overledene.

 

Een goede zoon of dochter is een ware schat voor een man en hij heeft daar

tijdens zijn leven en na zijn dood voordeel van. Iedere vader of moeder moet

zo goed als

 

mogelijk is proberen om goede kinderen groot te brengen. iedere zoon moet

proberen zijn ouders tijdens het leven en na hun dood te gehoorzamen. Men

moet zich realiseren dat de overledene weet wat zijn levende verwanten en

broeders doen. Er wordt gezegd dat iemand in zijn graf zich verheugt over de

goedheid van zijn kinderen na hem.

 

 

We kunnen nog veel langer doorgaan. Het spreken over de ziel, de dood en de Volgende Wereld kent geen eind. Het is een onderwerp dat honderden jaren grondig bestu­deerd is. Ondanks dat kunnen toch niet tot haar diepte

doordringen. We hebben slechts de oppervlakte behan­deld van de ware kennis hierover. Slechts Allah — Alle eer is aan Hem en moge Hij geprezen zijn! – heeft hier de vol­ledige kennis van.

 

“De woorden van Allah zijn waar wanneer Hij zegt: “en zij stellen u vragen betreffende de geest. Zeg: “De Geest is op bevel van mijn heer: en er is u slechts een weinig kennis van gegeven.”

(Al-Isra (17): 85).

 

Bron: De reis van de ziel na de dood. Een Samenvatting van Kitab Ar-Ruh van Ibn Al-Qayyiem. Uitgeverij Noer.

 

Zamzam water meest gezonde water op aarde

۞
Wij, als mensen lopen achter op de kennis over allerlei zaken. Zie hier een “wetenschappelijk onderzoek” die pas is gedaan over ZamZam water.
Nieuw wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond dat zamzam water het meest gezonde water op aarde is.
Het water dat afkomstig is uit een waterbron in Mekka zou bijzondere concentraties van zouten en andere elementen bezitten die goed zijn voor de gezondheid. Het onderzoeksteam van Dr Hamdi Seif, wetenschapper aan de faculteit Gezondheidswetenschappen van de universiteit in Alexandrië, heeft in een studie die is gepubliceerd door Qatar News Agency, deze resultaten gepubliceerd.
Het onderzoeksteam is tot de ontdekking gekomen dat het water een heilzame werking zou hebben bij de genezing van nieren, hart, migraine en vele soorten van chronische en ongeneeslijke ziektes. Jaarlijks drinken miljoenen islamitische pelgrims uit de circa 35 meter diepe waterbron in Mekka.

De Islaam heeft dit water al erg lang geleden in positieve zin aangemerkt:
En Allah schiep ieder levend wezen uit water; onder hen
zijn er die zich op hun buiken voortbewegen en onder hen zijn er die op twee
(voeten) lopen en onder hen zijn er die op vier (poten) lopen. Allah schept wat
Hij wil. Voorwaar, Allah is Almachtig over alle zaken. (Koran 24:45)
  • Het ondersteunt onze spijsvertering;
  • Transporteert voedingsstoffen;
  • Transporteert afvalstoffen;
  • Water is een bestanddeel van alle cellen en weefsels
  • Water is een soort smeermiddel. Het voorkomt dat organen aan
    elkaar vast gaan plakken;
  • Water reguleert onze lichaamstemperatuur.
Ook is water een belangrijk onderdeel van onze rituele wassingen.
Al met al speelt water een cruciale rol in ons dagelijks leven. Zelfs nog
zoveel meer als wat ik hier heb beschreven. Dit artikel is slechts een klein
onderdeel over de gift van Allah waar we zuinig op dienen te zijn en vooral
bewust mee moeten omgaan. Ik hoop dat ik een bijdrage heb mogen leveren met dit
artikel, dat we inzien wat voor onschatbare waarde water heeft voor alles wat
leeft op aarde. Laten we met respect deze bron van Allah gebruiken.
Verander het gedrag van de wereld, begin bij jezelf.
Moge Allah mij vergeven wanneer ik fouten heb gemaakt en Allah weet het
beste.
Geraadpleegde bronnen :
De Edele Koran – vertaald door Dr. Sofjan S. Siregar Uitgegeven door ICCN
De Kleine Dokter – Dr. A. Vogel
Een Leven lang fit deel 1 – H. en M. Diamond
Geneeskunde van de Profeet – Jalaluddin Abdurrahman As-Suyuti
De Islam – Ruquaiyyah Maqsood
Encyclopedie van de alternatieve Geneeskunde – C. Norman Shealy
-Extra:
Zam Zam water, miracles and facts

ZamZam water level is around 10.6 feet below the surface. It is the miracle of Allah that when ZamZam was pumped continuously for more than 24 hours with a pumping rate of 8,000 liters per second, water level dropped to almost 44 feet below the surface, BUT WHEN THE PUMPING WAS STOPPED, the level immediately elevated again to 13 feet after 11 minutes.

8,000 liters per second means that

8,000 x 60 = 480,000 liters per minute

480,000 liters per minutes means

that 480,000 x 60 = 28.8 Million liters per hour

And 28.8 Million liters per hour

means that 28,800,000 x 24 = 691.2 Million liters per day

So they pumped 690 Millions liters of ZamZam in 24 hours, but it was re-supplied in 11 minutes only.

There are 2 miracles here, the first that ZamZam was re-filled immediately, & the second is that Allah Holds the extra-ordinarily powerful Aquifer for not throwing extra ZamZam out of the well, otherwise the world will SINK. It is the translation of the word ZamZam, which means Stop !!!!!!!!!!!! Stop !!!!!!!!!!!!!!! said by Hajirah Alaih As Salaam. Zimam is an Arabic word, it is the rope / REIN attached to bridle or noseband & it is used / pulled to stop the running animal.

The Saudi Geological Survey has a “Zamzam Studies and Research Center” which analyses the technical

properties of the well in detail. Water levels were monitored by hydrograph, which in more recent times has changed to a digital monitoring system that tracks the water level, electric conductivity, pH, Eh, and temperature.

All of this information is made continuously available via the Internet. Other wells throughout the valley have also been established, some with digital recorders, to monitor the response of the local aquifer system.

The water level is 3.23 m (10.6 ft) below the surface. A pumping test at 8,000 liters per second (280 cu ft/s) for more than a 24 hour period showed a drop in water level from 3.23 m (10.6 ft) below surface to 12.72 m (41.7 ft) and then to 13.39 m (43.9 ft), after which the water level stopped receding. When pumping stopped, the water level recovered to 3.9 m (13 ft) below surface only 11 minutes later. This data shows that the aquifer feeding the well seems to recharge from rock fractures in neighboring mountains around Mecca. Zamzam water has no color or smell, but it has a distinct taste, and its pH is 7.9–8.0, indicating that it is alkaline to some extent and is similar to seawater. Minerals Mass concentration as reported by researchers at King Saud University.

Sodium 133 mg/L (4.8×10−6 lb/cu in)

Calcium 96 mg/L (3.5×10−6 lb/cu in)

Magnesium 38.88 mg/L (1.405×10−6 lb/cu in)

Potassium 43.3 mg/L (1.56×10−6 lb/cu in)

Bicarbonate 195.4 mg/L (7.06×10−6 lb/cu in)

Chloride 163.3 mg/L (5.90×10−6 lb/cu in)

Fluoride 0.72 mg/L (2.6×10−8 lb/cu in)

Nitrate 124.8 mg/L (4.51×10−6 lb/cu in)

Sulfate 124.0 mg/L (4.48×10−6 lb/cu in)

398170_445424522179166_1835515528_n